Zoetermeersche Branie

Wedstrijdverslag Botwinnik K2 - De Oude Toren 1 door Davin Mostert

Is dit een variant op Haagse bluf? Misschien wel, maar dit doet me niet direct aan een toetje denken. In het kader van de emoties die ik tijdens het schaken beschreef in mijn vorige stukjes probeer ik deze keer het gevoel te beschrijven waarop we enkele weken geleden naar deze wedstrijd toeleefden. Het was een verder normale donderdag, maar toen ik vertelde dat ik tegen Oude Toren best mee wilde doen zag ik een gevoel van zelfvertrouwen en trots bij teamleider Arno Middelkoop. Hij somde namelijk de namen op die op 1 februari zouden aantreden en er werd met enig voorbarig medelijden gekeken naar wie de tegenstander eigenlijk was. Het duurde niet lang of je hoorde het bekende “8-0” al als wedstrijdvoorspelling door ons thuishonk schallen. Waar het vaak beter is met realistische blikken en voorzichtigheid een wedstrijd te benaderen, moet ik toch toegeven dat dit mij persoonlijk beter bevalt. Dikdoenerij, durf en grootspraak bij Botwinnik, oftewel: Zoetermeersche Branie.

Eenmaal in de voor mij nieuwe speelruimte aangekomen zag ik de gespannen koppies bij de jongens van het eerste, die halverwege de middag na niet al te veel risico genomen te hebben te punten deelden met het Schaakhuis. Hoe anders en ontspannen was dat bij het tweede, waar rust en vertrouwen de boventoon voerden. De middag begon helaas met een domper. Good old Ferdi Sieben leek op bord 8 voor een wapenstilstand gekozen te hebben, ik zag immers opvallend weinig stukken op de 4e en 5e rij opgesteld staan. Met verbazing keek ik op toen ik hem niet veel later op zag staan en de koning van de tegenstander op het midden van het bord werd geplaatst. 0-1 voor de bezoekers. Gelukkig kreeg ik zelf aan het vierde bord de bijnaam “the equalizer”, toen ik de stand rond 14:15 weer gelijk trok. Mijn tegenstander kwam beter uit de opening, maar koos een defensief vervolg. Een zet of vijf later kon hij opgeven, nadat ik binnen gekomen was via f6. Dit leek me een mooi moment om de spa af te wisselen met een slokje gerstenat, maar onze voorzitter was helaas “vergeten” om te koelkast met een aantal pilsjes te bevoorraden. Ik haat schakers, dacht ik nog. Gelukkig kon ik met Max (al klaar, remise) en Rinze (supersub) de schade repareren door bij de plaatselijke buurtsuper wat inkopen te gaan doen.

Toen ik alles van het boodschappenlijstje gestreept had wierp ik een blik op het scoreformulier, waar Luuk Gloudemans aan bord 7 inmiddels gelijkgespeeld had en Ciro Catalan (bord 5) een vol punt pakte. Afgaande op wat ik zag voor ik wegging leek me dit een logische uitkomst. Ik betrad de speelzaal opnieuw en zag nog net hoe mijn all-time-Angstgegner Wilco Kort aan het eerste bord niets overliet van de stelling van zijn opponent (1900+). Goed gedaan, Wilco! 3½-1½ was op dat moment de tussenstand. Nog 3 partijen. Arno van der Lubben leek in gelijke positie, Merlijn Albers aan de winnende hand. Onze teamleider Arno Middelkoop wilde zojuist Kf8 spelen, maar zag een shetlander op g6 over het hoofd. Het enig overgebleven veld leverde een pion achterstand op, waarna hij afwikkelde naar een eindspel met ongelijke lopers. Arno van der Lubben zag ik steeds vreselijk snel zetten, terwijl hij bijna 50 zetten gedaan had. Toen hij zich realiseerde dat hij recht had op een half uur verlenging viel er een grote druk van hem af. Dit zou een FM in wording toch niet mogen gebeuren? Over Zoetermeersche Branie gesproken. Met wat meer bedenktijd bekeek hij zijn eindspel nog eens en trok de winst toch over de streep. Niet veel later bleek Merlijn aan bord 6 inderdaad in staat geweest zijn vrijpion naar de overkant van het bord te begeleiden en besloten Arno en zijn tegenstander dat een remisevoorstel voor beiden niet onredelijk was.

Eindstand: 6-2.

Davin Mostert