Van Pirc-perikelen tot een Zoundini: Botwinnik wint in Delft

3 maart mocht het vlaggenschip van Botwinnik aantreden in Delft voor de HSB-competitie. Op papier leek het een avond te worden zonder al te veel spanning: gemiddeld hadden we zo’n 200 ratingpunten meer dan onze tegenstander. Dat soort statistieken zijn natuurlijk leuk voor de voorbeschouwing, maar zoals elke clubschaker weet doen ratingpunten geen zetten. Het moest dus nog wel even gebeuren.

Om 19:47 was iedereen aanwezig en klokslag 20:00 gingen de klokken aan. De eerste zetten werden gespeeld, de koffie werd gehaald en de gebruikelijke openingsblikken richting de andere borden begonnen langzaam op gang te komen.

Na een minuut of veertig liep ik mijn eerste rondje langs de borden. En eerlijk gezegd schrok ik een beetje van wat ik zag. Arie speelde op bord 1 een Italiaan en stond ongeveer gelijk, maar daar hield het positieve nieuws voorlopig wel een beetje op. Op bord 2 had Max gekozen voor een vrij risicovolle Pirc en zijn tegenstander kreeg meteen kansen. Rogier zat op bord 3 al diep in de denktank in een Siciliaan waar hij niet bepaald lekker uit de opening was gekomen. Wouter op bord 4 stond met zijn moderne opening ook al vrij snel gedrukt tegen een sterk wit centrum.

Even verderop werd het er niet vrolijker op. John stond op bord 6 een pion achter, zijn koning stond open en hij zat vooral te verdedigen. Het begon toch een beetje te voelen alsof we misschien iets te snel hadden gedacht dat dit een makkelijke avond zou worden.

Gelukkig kwam daar vrij snel verandering in. Max wist zijn stelling langzaam te stabiliseren en op de lange termijn begon zijn positie zelfs prettiger te worden. Voordat hij daar echt gebruik van kon maken besloot zijn tegenstander echter het proces wat te versnellen door pardoes een toren weg te geven. Dat cadeautje werd uiteraard dankbaar aangenomen en even later stond het eerste punt op het bord. Max blijft daarmee ook dit seizoen in de HSB-competitie foutloos: alles gewonnen tot nu toe: 1-0.

Niet veel later was Arno klaar op bord 5. Met wit kreeg hij een Grünfeld tegen zich, maar via een handige zettenwisseling wist hij een pionnetje mee te snoepen. Daarna werd er flink afgeruild totdat er een pionneneindspel ontstond met een sterk paard voor Arno tegenover een vrij ongelukkige loper van zijn tegenstander. Dat soort eindspelen zijn vooral een kwestie van rustig doorschuiven en dat deed hij ook. De voorsprong werd daarmee verdubbeld: 2-0.

Kort daarna kon ook Yde op bord 7 een punt bijschrijven. Hij kwam eigenlijk geen moment echt in de problemen en had een solide stelling. Wat wel opviel was het tijdsverbruik: op een gegeven moment had hij nog maar 11 minuten tegenover 52 minuten voor zijn tegenstander. Gelukkig was zijn positie zo stabiel dat dat weinig uitmaakte. Zijn tegenstander probeerde nog met wat creatieve verdediging de boel bij elkaar te houden (het leek bijna een soort Chess960-opstelling) maar het mocht niet baten. Yde’s vrijpion bleek uiteindelijk gewoon te sterk: 3-0.

En toen was het de beurt aan Merlijn op bord 8. Hij heeft tot nu toe een zwaar seizoen gehad, dus een overwinning zou meer dan welkom zijn. Met zwart speelde hij een Pirc/KID-achtige setup en stond in eerste instantie wat gedrukt, maar er lagen wel kansen op de vleugels. Op een gegeven moment vond zijn dame een mooi veld op de damevleugel en daarna volgde het sterke e3!. Daarmee werd het centrum opengebroken en bleek dat wit daar eigenlijk geen goed antwoord op had. Even later stond er ineens 4-0 op het scorebord.

Heel even begon het idee van een clean sweep rond te zingen, maar zo ver kwam het uiteindelijk niet. Op bord 1 bood Arie remise aan en dat werd geaccepteerd. Ik heb het niet helemaal tot in detail gevolgd, maar volgens mij stond Arie een pion achter terwijl hij wel flinke druk had op de c-lijn en richting de koningsvleugel. Met de remise waren in ieder geval de matchpunten binnen en kon de rest zonder al te veel stress verder spelen: 4½-½

Dat bleek ook wel nodig, want John had het nog steeds zwaar op bord 6. Hij kwam niet lekker uit de opening, iets wat we John eerlijk gezegd wel vaker zien waarbij hij er toch altijd goed uitkomt, maar dit keer maakte zijn tegenstander geen fout. Langzaam werd de druk opgevoerd en ondanks wat pogingen om de boel nog ingewikkeld te maken met een koningsaanval moest John uiteindelijk toch de hand uitsteken. Een keurige overwinning voor zijn tegenstander, die overigens zo’n 220 ratingpunten minder had: 4½-1½

Toen waren er nog twee partijen bezig: Rogier op bord 3 en Wouter op bord 4. Bij Rogier ging het ondertussen van kwaad tot erger. Hij stond een pion achter en had ook nog eens flinke tijdnood. Wouter daarentegen had zijn openingsproblemen volledig opgelost en stond inmiddels zelf een pion voor. In het middenspel liet hij wel een toren op de zevende rij toe, maar daar stond voldoende druk tegenover op de witte koning. In de tijdnoodfase vond hij zelfs het sterke Pe5!, waarna de stelling van wit snel instortte. Niet veel later kon ook daar de hand worden geschud: 5½-1½.

Pe5! en de stelling van wit stort in. Het paard pakken kan niet door Txc4+ waarbij wit de dame moet opgeven om mat te ontlopen.

Het slotstuk van de avond was Rogier. Het einde heb ik eerlijk gezegd gemist, maar wat ik wel weet is dat hij een slechte stelling had en in tijdnood zat… en dat het somehow toch remise werd. Hoe precies weet ik niet, maar binnen Botwinnik hebben we daar inmiddels een term voor: een Zoundini.

Daarmee werd de eindstand 6-2 en gingen de matchpunten mee terug naar Zoetermeer.

Er is nog één ronde te gaan in de HSB-competitie, maar voor ons staat er eigenlijk niet zo veel meer op het spel. Kampioen worden lukt niet meer en degraderen is ook geen realistisch scenario. Voor DSC 3 is dat helaas anders: door dit verlies zijn zij definitief gedegradeerd.

Volgende maand wacht de slotronde in Zoetermeer tegen DSC 2, dat nog wel midden in de degradatiestrijd zit en dus zeker nog iets heeft om voor te spelen. Wij kijken er in ieder geval naar uit.